Maxibel – Led inbouwarmatuur 600×600 3000K

Geplaatst door Marcel van der Steen in Lampmetingen Geen reacties»

Maxibel presenteert hierbij een led inbouwarmatuur. De metingen van OliNo laten zien dat de lamp een warmwit licht afgeeft met een kleurtemperatuur van 3000 K. De lamp verbruikt 40.5 W aan vermogen en geeft hiermee een lichtstroom van 2869 lm. De efficiency komt hiermee op 71 lm/W. De lamp valt in de energie label categorie A.

In dit artikel staan allerlei interessante lampparameters, zoals ook opgenomen in de Eulumdat file.

Zie voor een vergelijk met andere lampen dit overzicht.

Samenvatting meetgegevens

parameter meting lamp opmerking
Kleurtemperatuur 3000 K warmwit
Lichtsterkte Iv 974.3 Cd Gemeten recht onder de lamp.
Verlichtingssterkte modulatie index 17 % Gemeten met een sensor gericht op de lamp (kijkhoek niet gedefinieerd). Dit getal geeft de mate van knipperen aan.
Stralingshoek 122 deg 113 graden is de stralingshoek voor het C0-C180-vlak (loodrecht op de lengterichting van de lamp) en 122 graden is de stralingshoek voor het vlak dat de lamp in de lengterichting doorsnijdt, het C90-C270 vlak.
Vermogen P 40.5 W Volg de link voor meer elektrische en temperatuureigenschappen.
Inschakelstroom 1.182 A Deze inschakelstroom ie gemeten bij een starthoek van de spanning van 90 graden.
Power Factor 0.96 Met deze powerfactor geldt dat voor iedere 1 kWh aan netto vermogen, er 0.28 kVAhr aan reactief vermogen is geweest.
THD 19 % Total Harmonic Distortion.
Lichtstroom 2869 lm
Efficiëntie 71 lm/W
EU-label classificatie A De energieklasse, van A (meest efficiënt) tot en met G (minst efficiënt).
CRI_Ra 82 Color Rendering Index oftewel de kleurweergave index.
Coordinaten kleursoort diagram x=0.4368 en y=0.4044
Fitting 230V Deze lamp wordt direct aangesloten op 230 V AC.
PAR waarde 9.2 uMol/s/m2 Het aantal fotonen wat een gemiddelde plant ziet in het licht van deze lamp, geldend op 1 m afstand van de lamp en ge-extrapoleerd naar 1 m^2 oppervlak.
PAR fotonrendement 0.7 uMol/s/We Het aantal fotonen wat een gemiddelde plant ziet in het licht van deze lamp.
S/P ratio 1.3 Dit is de factor die aangeeft hoeveel keer efficiënter deze lamp is in het generen van visueel effectief licht voor het menselijk oog, bij nachtgevoeligheid (vergeleken met daggevoeligheid).
L x B x H afmetingen 595 mm x 595 mm x 95 mm Buitenafmetingen van de lamp.
L x B afmetingen lichtruimte 570 mm x 570 mm Afmetingen van het gebied waar het licht vandaan komt. Het is de oppervlakte van de voorkant waaruit het licht komt. Deze parameters worden in een Eulumdatfile gebruikt.
Algemene opmerkingen De omgevingstemperatuur gedurende de hele set van verlichtingsterktemetingen was 26.7 – 27.9 deg C.

De lamp wordt maximaal ongeveer 13 graden warmer dan omgevingstemperatuur.

Opwarmeffect: Gedurende de opwarming varieert de verlichtingssterkte niet significant (< 5 %).

Gedurende de opwarming varieert het vermogen niet significant (< 5 %).

Afhankelijkheid spanning: Er is geen (significante) afhankelijkheid van de verlichtingssterkte wanneer de voedingsspanning tussen de 200 – 250 V AC varieert.
Er is geen (significante) afhankelijkheid van het opgenomen vermogen wanneer de voedingsspanning tussen de 200 – 250 V AC varieert.

Dimbaar nee Volgens opgave fabrikant.
Biologische Effect Factor 0.357 Volgens voornorm DIN V 5031-100:2009-06.
Blauwlichtschade risico groep 0 0=geen, 1=laag, 2 = gemiddeld, 3=hoog risico.
vormfactor bak
Meetrapport (PDF) olino-pdf
Eulumdat file olino_eulumdat Rechtsklik op het icoon en sla het bestand op.
IES file olino_eulumdat Rechtsklik op het icoon en sla het bestand op.

Overzichtstabel

Let op: de gegevens zijn (deels) afkomstig van berekeningen. Zie ook de uitleg van deze tabel op de OliNo site.

Noot: de minimale afstand waarvoor de berekende resultaten in E (lux) geldig zijn, is 5 x 806 mm (maximale maat, eventueel diagonaal) = 4030 mm. De resultaten van E (lux) binnen deze afstand zijn te hoog, en een meting met een goede luxmeter zal minder aangeven omdat deze zich in het nabije veld bevindt van de lamp.

EU Energielabel classificatie

Met de meting van de lichtstroom en het opgenomen vermogen is de classificatie te geven van deze lamp. Dit wordt voor een aantal lampen verplicht gesteld in de EU, zie ook de OliNo site waar uitleg staat voor welke lampen het geldt, hoe het label eruit ziet en wat het moet bevatten aan informatie.

Hierbij de labels voor deze lamp in kleur en zwart-wit.

EU energielabel van deze lamp

Label in zwart-wit.

De prestatie van de lamp in het energie-performance vlak.

Eulumdat lichtdiagram

Het lichtdiagram geeft de helderheid aan in het C0-C180 en het C90-C270 vlak. Er is ook meer uitleg over dit diagram op de OliNo site.

Het lichtdiagram en de indicatie van de C-vlakken.

Het lichtdiagram geeft de bundel aan in het C0-C180 vlak (loodrecht op de lengterichting van de lamp) en de bundel in het C90-C270 vlak (in de lengterichting van het lichtgevende oppervlak, gelijk aan in de lengterichting van de lamp).

Verlichtingsterkte E_v op 1 m afstand, of lichtintensiteit I_v

Hierbij de plot van de gemiddelde lichtsterkte (I_v) afhankelijk van de hoek van meting t.o.v. de lamp. Dus alle lichtsterkte metingen behorende bij 1 kantelhoek, en afkomstig van verschillende draaihoeken, zijn gemiddeld. In deze grafiek is de helderheid in Cd direct af te lezen.

Het stralingsdiagram van de lamp.

Deze plot met deze gemiddelde waardes worden gebruikt om de totale lichtopbrengst te berekenen.

Het verloop van de lichtsterkte afhankelijk van de hoek t.o.v. de lamp.

Deze plot geeft grafisch weer welke verschillende meetwaarden verkregen zijn bij iedere kantelhoek. Voor een bepaalde kantelhoek zijn er zo een aantal metingen, die afkomstig zijn van verschillende draaihoeken rondom de lamp.

Bij het berekenen van de gemiddelde lichtsterktewaarden per hoek en deze uit te zetten in een grafiek, is de stralingshoek te bepalen: dit is berekend op 113 graden voor het C0-C180 vlak en 122 graden voor het C90-C270 vlak.

Lichtstroom

Met de meetgegevens van lux op 1 meter, gehaald uit het stralingsdiagram met de gemiddelde lichtsterktewaarden, is de lichtstroom te berekenen. Het resultaat van deze berekening voor deze lamp is 2869 lm.

Efficientie

Een lichtstroom van 2869 lm, en een opgenomen vermogen van 40.5 Watt, levert een efficiëntie van 71 lm/Watt.

Elektrische eigenschappen

De powerfactor is 0.96. Met deze powerfactor geldt dat voor iedere 1 kWh aan netto vermogen, er 0.28 kVAhr aan reactief vermogen is geweest.

Voedingsspanning 229.87 V
Voedingsstroom 0.183 A
Vermogen P 40.5 W
Schijnbaar vermogen S 42.0 VA
PF 0.96

Tevens is van deze lamp de spanningsvorm en stroomvorm opgenomen. Hoe de spannings- en stroomvorm wordt gemeten wordt uitgelegd op de OliNo site.

Spanningsvorm over de lamp en stroom door de lamp.

Deze stroom is gechecked tegen de eisen, gesteld door de Europese norm IEC 61000-3-2:2006 met amendement 2:2009 die eisen bevat voor verlichtingsinstallaties <= 25 W en voor > 25 W. Zie voor meer uitleg over de IEC 61000-3-2:2006 norm de OliNo website.

De harmonischen van de stroom uitgezet tegen de eisen voor harmonischen vanuit IEC61000-3-2:2006 A2:2009

Voor vermogens > 25 W gelden limieten voor de harmonischen en daaraan is wel voldaan.

De Total Harmonic Distortion van de stroom is berekend en bedraagt 19 %.

Inschakelstroom (inrush current)

Van deze unit is de inschakelstroom gemeten. Het armatuur stond lange tijd uit voordat aan de test begonnen was. Daarna is de inschakelstroom gemeten bij starthoeken van de spanning van 0 – 170 graden (stap 10 graden). De meetparameters zijn: F_sample = 39.9 kS/s, daarna door een lowpass 2e orde Butterworth filter op 2 kHz gehaald.

Maximale inschakelstroom 1.182 A
Voltage starthoek bij maximale inschakelstroom 90 graden
Minimale inschakelstroom 0.078
Voltage starthoek bij minimale inschakelstroom 0 graden

Inschakelstroom bij worst-case inschakelhoek van de spanning.

De eerste cyclus van de inschakelstroom.

De waarde I2.delta t uitgezet tegen tijd, voor de eerste 10 ms.

Temperatuurmetingen lamp

Temperatuurplaatje(s).

status lamp > 2 uur aangestaan
omgevingstemperatuur 24.5 graden C
gereflecteerde schijnbare temperatuur 24.5 graden C
camera Flir T335
emissiviteit 0.95
meetafstand 1.5 m
IFOVgeometric 0.136 mm per 0.1 m afstand
NETD (thermische gevoeligheid) 50 mK

Kleurtemperatuur en licht- oftewel vermogensspectrum

Het kleurspectrum van het licht van deze lamp. Energieniveaus geldig op 1 m afstand.

De gemeten kleurtemperatuur van deze lamp is 3000 K wat warmwit is.

De meting is gedaan recht onder de lamp. De kleurtemperatuur kan ook worden gemeten onder verschillende kantelhoeken.

De kleurtemperatuur van de lamp afhankelijk van de kantelhoek.

De kleurtemperatuur is gegeven voor kantelhoeken tot 80 graden. Daarbuiten is de verlichtingssterkte zo laag (< 5 lux) dat deze niet meer is meegenomen voor de kleurbepaling van het licht.

Voor het C0-C180 vlak: kijkende naar de stralingshoek van 113 graden dan komt dit overeen met 56.3 graden kantelhoek, dit is het gebied waar het meeste van het licht afgegeven wordt. De maximale variatie in kleurtemperatuur in dit gebied (kantelhoek) is ongeveer 0 %.

Voor het C90-C270 vlak: kijkende naar de stralingshoek van 122 graden dan komt dit overeen met 60.9 graden kantelhoek, dit is het gebied waar het meeste van het licht afgegeven wordt. De maximale variatie in kleurtemperatuur in dit gebied (kantelhoek) is ongeveer 0 %.

PAR waarde en -spectrum

Uitleg over PAR, hoe de waarde te verkrijgen en de achtergrond van de gegevens is te vinden in het uitlegartikel over PAR op de OliNo site.

Het fotonenspectrum, dan de gevoeligheidscurve, resulterend in een PAR-spectrum

parameter waarde eenheid
PAR getal 9.2 uMol/s/m^2
PAR fotonstroom 27.1 uMol/s
PAR foton rendement 0.7 uMol/s/W

Als gekeken wordt naar het gedeelte van het spectrum van het licht van de lamp, dat bruikbaar is voor fotosynthese, dan komt dat neer op 64 % (geldig voor het golflengtegebied van 400-700 nm.

S/P ratio

Uitleg over S/P ratio, de waarde en het verkregen spectrum is te vinden op de OliNo site.

Het vermogensspectrum, de gevoeligheidscurven en de resulterende nacht – en dagspectra (laatste op 1 m afstand).

De S/P ratio van deze lamp is 1.3.

Zie voor meer achtergrondinformatie het uitlegartikel over S/P ratio op de OliNo website.

Kleursoort diagram

Het kleursoort diagram en de plaats van het licht van de lamp.

Het lichtpunt ligt binnen het gebied aangeduid met klasse A. Dit gebied geldt voor signaallampen, zie verder ook de uitleg over signaallampen en de kleurgebieden op de OliNo website.

De kleurcoördinaten zijn x=0.4368 en y=0.4044.

Kleurweergave-index of CRI

Hierbij het plaatje van de kleurweergave index. Deze wordt goed uitgelegd op de Wiki over kleurweergave-index. De echte relevantie van de CRI waarde wordt verder in een artikel op OliNo besproken.

De gegevens mbt de kleurweergave index van het licht van deze lamp.

Deze waarde van 82 geeft aan in hoeverre het licht van deze lamp een aantal referentiekleuren kan weergeven in vergelijk met het licht van een referentiebron (voor < 5000K een zwarte straler en voor > 5000K de zon/buitenlicht).

Deze waarde van 82 is groter dan de waarde van 80 die als minimum geldt voor een natuurgetrouwe kleurweergave voor alledaags gebruik, zie ook de uitleg over CRI waardes en hun betekenis op de OliNo website.

De “chromaticity difference” is 0.0003, wat aangeeft hoever de kleur van deze lamp afligt van het pad van de zwarte straler. Er wordt in sectie 5.3 van CIE 13.3-1995 een waarde genoemd van 5.4E-3 zonder verdere uitleg.
Een andere referentie is gegeven met de aangegeven gebieden voor wit licht in het kleursoortdiagram.

Spanningsafhankelijkheid

De lamp is onderzocht op hoe afhankelijk de parameters verlichtingssterkte E_v [lx] en het opgenomen netto vermogen P [W] zijn van de lampspanning. Uit de deling van E_v door P volgt een inschatting van de efficiëntie.

Afhankelijkheid van lampparameters van de ingestelde lampspanning.

Er is geen (significante) afhankelijkheid van de verlichtingssterkte wanneer de voedingsspanning tussen de 200 – 250 V AC varieert.
Er is geen (significante) afhankelijkheid van het opgenomen vermogen wanneer de voedingsspanning tussen de 200 – 250 V AC varieert.

Een abrupte variatie van + of – 5 V AC levert een verandering van de lichtintensiteitswaarden van maximaal 0.1 %. Dit verschil in lichtintensiteit is niet zichtbaar wanneer deze variatie abrupt gebeurt.

Opwarm-effecten

Van deze lamp zijn de opwarm-effecten doorgemeten op de verschillende interessante parameters. Zie ook de grafiek.

Opwarmen van de lamp en het effect op lampparameters; 100 % niveau aan het begin en aan het eind gelegd

Gedurende de opwarming varieert de verlichtingssterkte niet significant (< 5 %).

Gedurende de opwarming varieert het vermogen niet significant (< 5 %).

Mate van knipperen

Er is gekeken naar de mate van snelle verlichtingssterktevariaties van het licht van de lamp. Zie voor meer uitleg over de meetopstelling en achtergrond mbt verlichtingssterktevariaties de uitlegartikelen op OliNo.

De mate van snelle verlichtingssterktevariaties van het licht van de lamp

parameter waarde eenheid
Knipperfrequentie 100.0 Hz
Verlichtingssterkte modulatie 17 %

Verlichtingssterkte-modulatie-index wordt berekend als: (max_Ev – min_Ev) / (max_Ev + min_Ev). Zie tevens meer uitleg over verlichtingssterkte-modulatie-index en knipperfrequentie op de OliNo website.

Biologisch effect

Het biologisch effect zegt iets over in hoeverre het licht van deze lamp in staat is het menselijk dag- nachtritme te beïnvoeden evenals de mate van melatonineopwekking te onderdrukken. Zie ook een uitlegartikel (in Engels) over biologisch effect op OliNo.
De volgens de voornorm DIN V 5031-100:2009-06 interessante biologische factoren:

biologische effect factor 0.357
kbiol trans (25 jaar) 1.000
kbiol trans (50 jaar) 0.763
kbiol trans (75 jaar) 0.506
kpupil(25 jaar) 1.000
kpupil(50 jaar) 0.740
kpupil(75 jaar) 0.519

Blauw Licht Schade

De mate van blauwlicht en de schade die het kan veroorzaken op het netvlies is bepaald. Hierbij de resultaten.
Zie voor meer uitleg over blauwlichtschade en de manier van meten op OliNo.

Het niveau van blauw licht van deze lamp tov de blootstellingslimiet en de verschillende classificatiegebieden.

L_lum0 [mm] 570 Afmeting helderste gedeelte lamp in C0-C180 richting.
L_lum90 [mm] 570 Afmeting helderste gedeelte lamp in C90-C270 richting.
SSD_500lx [mm] 1396 Berekende afstand waarop 500 lux gemeten zou moeten worden. Dit is geldig wanneer deze zich bevindt in het verre veld van de lamp. Noot: Als deze waarde < 200 mm is dan is op grond van de norm IEC 62471:2006 gerekend op 200 mm afstand.
Begin verre veld [mm] 4031 Minimale afstand waarbij de lamp gezien kan worden als puntbron. In dit gebied geldt dat Ev evenredig is met (1/afstand)2.
300-350 nm waardes ingevuld met 0 ja In het geval dat OliNo heeft gemeten met een SpecBos 1211 spectrometer zonder UV optie dan is er geen meetdata van 300-349 nm. Bij lampen die nabij 350 nm geen energieinhoud meer hebben, kan dan het gebied van 300-349 nm eventueel ingevuld worden met 0.
alphaC0-C180 [rad] 0.408 (Schijnbare) voorwerpshoek in C0-C180 richting.
alphaC90-C270 [rad] 0.408 (Schijnbare) voorwerpshoek in C90-C270 richting.
alphaAVG [rad] 0.100 Gemiddelde (schijnbare) voorwerpshoek. Indien >= 0.011 rad dan wordt met radiantie Lb de blootstellingslimiet berekend. Anders met irradiantie Eb.
Blootstellingswaarde [W/m^2/sr] <1.21E+0 Blauwlichtschade waarde voor deze lamp, gemeten recht onder de lamp. Er is gerekend met Lb. Omdat de afstand waarbij Ev=500 lux in het nabije veld van de lamp ligt dan is deze blauwlichtschade waarde te pessimistisch en is in realiteit lager.
Blauwlichtschade risico groep 0 0=geen, 1=laag, 2 = gemiddeld, 3=hoog risico.

.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *